Zonder titel
De wind is het al begonnen
je profiel te slijpen, je haar te fronsen
je ogen donker aan te blazen
de wind is het al begonnen
het papier om mij los te maken
mij uit te pakken, om te woelen.
Er is iets groots, iets wilds en rustigs gaande
in ons, aan de kant van het water staande
als stemvorken staan onze hoge benen
en zoemen op de zoemende grond,
het is te horen als we even
stilstaan, luistrend, mond op mond.
Gelezen op komma’s en punten:
De wind is het al begonnen je profiel te slijpen,
je haar te fronsen je ogen donker aan te blazen de wind is het al begonnen
het papier om mij los te maken mij uit te pakken,
om te woelen.
Er is iets groots,
iets wilds en rustigs gaande in ons,
aan de kant van het water staande als stemvorken staan onze hoge benen en
zoemen op de zoemende grond,
het is te horen als we even stilstaan,
luistrend,
mond op mond.
Het eerste gedicht toont de wind, die ons slijpt, vormgeeft…we kunnen het
horen als we stilstaan en rustig luisteren. Er is een ‘je’ in de eerste
regel, en een ‘ons’ in de tweede.
SUB FINEM
En nu nog maar alleen
het lichaam los te laten-
de liefste en de kinderen te laten gaan
alleen nog maar het sterke licht
het rode, zuivere van de late zon
te zien, te volgen – en de eigen weg te gaan.
Het werd, het was, het is gedaan.
Gelezen op komma’s en punten:
SUB FINEM
En nu nog maar alleen het lichaam los te laten -
de liefste en de kinderen te laten gaan alleen nog maar het sterke licht het
rode,
zuivere van de late zon te zien,
te volgen -
en de eigen weg te gaan.
Het werd,
het was,
het is gedaan.
Wat we hier kunnen lezen, is dat het lichaam loslaten van grotere orde is dan de liefste en
de kinderen te laten gaan. Beide activiteiten lopen zonder komma in elkaar over in een enkele zin.
Let bijvoorbeeld op hoe ‘loslaten’ overloopt in ’laten gaan’, in ’late zon’, naar ’gaan’ en tenslotte in ‘gedaan’…
